Haal de ossenhaas ongeveer 30 minuten voor het bakken uit de koelkast. Maak het vlees goed droog met keukenpapier en kruid het vlak voor het bakken met een beetje peper en zout.
Zet een koekenpan op hoog vuur. Voeg de margarine toe en laat die smelten en bruisen. Wacht tot het hevigste schuim afneemt en de margarine lichtbruin begint te kleuren. Laat haar niet verbranden.
Leg de biefstukken in de pan. Bak ze kort en krachtig aan en keer ze met een tang. Blijf het vlees regelmatig keren; zet het vuur iets lager als de margarine te donker wordt.
Bak de biefstukken tot de gewenste gaarheid. Richt je met een kernthermometer op ongeveer 50–52 °C voor rare, 54–56 °C voor medium-rare of 58–60 °C voor medium. De temperatuur loopt tijdens het rusten nog iets op.
Leg de biefstukken op een warm bord en laat ze enkele minuten rusten. Zet het vuur laag en roer de sambal oelek door de jus. Proef voordat je extra zout toevoegt.
Haal de biefstukken nog even door de warme sambaljus. Leg ze op de borden en schep de jus eroverheen. Serveer meteen met witbrood, friet of de gebakken aardappeltjes in ossewit.