Maak het deeg
Doe de bloem, gist en suiker in een grote kom en meng kort door elkaar.
Voeg het lauwwarme water en de olijfolie toe en meng tot er een samenhangend deeg ontstaat.
Voeg vervolgens het zout toe en kneed het deeg ongeveer 8 tot 10 minuten tot het glad en elastisch is.
Het deeg mag zacht aanvoelen en een klein beetje plakken. Voeg alleen extra bloem toe als het deeg echt onhandelbaar is.
Laat het deeg rijzen
Vorm het deeg tot een bol en leg het in een licht ingevette kom.
Dek de kom af en laat het deeg ongeveer 60 minuten rijzen, tot het duidelijk in volume is toegenomen.
Maak de topping
Halveer de tomaat en verwijder het vochtige binnenste gedeelte en de zaadjes.
Snijd de tomaat en groene paprika heel fijn.
Meng de za’atar met de olijfolie tot een dikke, smeerbare pasta.
Schep vervolgens de tomaat, groene paprika, munt en peterselie erdoor.
Voeg eventueel het sesamzaad en citroensap toe.
De topping moet smeerbaar zijn, maar niet waterig.
Verwarm de oven
Verwarm de oven voor op 250 °C boven- en onderwarmte.
Zet een zware bakplaat, pizzasteen of pizzastaal in de oven en laat deze goed heet worden.
Kan je oven maximaal 230 °C? Dat kan ook. De manakish hebben dan iets langer nodig.
Verdeel het deeg
Stort het deeg op een licht met bloem bestoven werkblad.
Verdeel het in 6 gelijke stukken van ongeveer 140 gram.
Vorm ieder stuk tot een bol en laat ze ongeveer 10 minuten liggen.
Rol ieder bolletje daarna uit tot een rond brood van ongeveer 18 tot 20 cm doorsnede.
Laat aan de buitenkant een iets dikkere rand.
Beleg de manakish
Verdeel ongeveer 2 flinke eetlepels topping over ieder brood.
Laat rondom ongeveer 1 cm deeg vrij.
Smeer de topping niet te dun uit. Een goede manakish mag royaal belegd zijn.
Bak de manakish
Leg de manakish op de hete bakplaat of pizzasteen.
Bak ze ongeveer 6 tot 8 minuten, afhankelijk van je oven.
De randen mogen lichtbruin en plaatselijk donkerder worden, terwijl het midden zacht blijft.
Bak liever iets korter dan te lang. Manakish hoort soepel te blijven en niet hard of bros te worden.
Serveren
Serveer de manakish warm.
Lekker met tomaat, komkommer, olijven, verse munt en eventueel labneh.
Je kunt de manakish ook dubbelvouwen en zo uit de hand eten.