Verhit de arachideolie in een steelpan op laag tot middelhoog vuur. Fruit de sjalotjes tot ze zacht zijn.
Voeg de knoflook en trassi toe en bak kort mee. Laat de knoflook niet bruin worden. Roer de ketoembar, laos en eventueel het serehpoeder erdoor.
Voeg de pindakaas, ketjap manis, gembersiroop, kokosmelk en geraspte gember toe. Roer op laag vuur tot de saus glad is.
Roer de sambal erdoor en laat de saus 5 minuten zachtjes pruttelen. Roer regelmatig, zodat de pindasaus niet aanbrandt.
Voeg het citroengras en de limoenblaadjes toe. Laat nog 5 minuten zachtjes trekken en haal daarna de vaste kruiden uit de saus.
Roer het limoensap erdoor. Verdun de saus naar wens met wat warm water of extra kokosmelk en proef of er nog sambal, ketjap of limoen bij moet.
Notities
Pindasaus wordt dikker wanneer hij afkoelt. Roer er bij het opwarmen een scheutje warm water of kokosmelk door.Voor dit recept gebruik ik Kaka Tiga ketjap, en Fair Trade kokosmelk. Let er bij kafir lime op, als ze zeggen 1 blaadje, dan is het een dubbel blaadje. Zo groeien ze.