Ga terug Email Link
–+ servings

Rundvlees in mosterdsaus met wortelen en sperziebonen

Prep 20 minuten
Cook 3 uur 15 minuten
Total 3 uur 35 minuten
Mals rundvlees, langzaam gestoofd met knoflook, roomboter en Dijonmosterd. Geserveerd met gestoomde wortelen, sperziebonen en een volle mosterdjus.

Porties 4 personen
Gang Hoofdgerecht
Keuken Nederlands

Ingrediënten

  • Voor het rundvlees
  • - 800 g runderriblappen
  • - 30 g ongezouten roomboter
  • - 1 el olijfolie
  • - 2 el Dijonmosterd
  • - 2 teentjes knoflook
  • - 200 ml warm water eventueel iets extra
  • - Zout naar smaak
  • - Versgemalen zwarte peper
  • Voor de groenten
  • - 400 g wortelen
  • - 400 g sperziebonen
  • - Een snufje zout

Method

  1. Bereid het rundvlees voor
  2. Dep het rundvlees droog met keukenpapier.
  3. Snijd de riblappen in flinke stukken van ongeveer 5 tot 6 centimeter.
  4. Bestrooi het vlees met zout en versgemalen zwarte peper.
  5. Bak het rundvlees aan
  6. Verhit de olijfolie in een braadpan op middelhoog vuur.
  7. Leg de stukken rundvlees in de pan en bak ze rondom bruin. Doe dit eventueel in twee porties, zodat het vlees voldoende ruimte heeft.
  8. Haal het vlees uit de pan en leg het tijdelijk op een bord.
  9. Voeg de boter, knoflook en mosterd toe
  10. Zet het vuur iets lager en voeg de roomboter toe aan de braadpan.
  11. Pel de knoflook en pers de teentjes boven de pan uit.
  12. Bak de knoflook ongeveer 30 seconden mee, zonder dat hij bruin wordt.
  13. Voeg 1 eetlepel Dijonmosterd toe en roer deze kort door de boter.
  14. Laat het rundvlees stoven
  15. Leg het rundvlees terug in de pan.
  16. Schenk er 200 ml warm water bij en roer voorzichtig over de bodem, zodat de aanbaksels loskomen.
  17. Breng het vocht kort tegen de kook aan.
  18. Zet het vuur daarna zo laag mogelijk en leg het deksel op de pan.
  19. Laat het rundvlees ongeveer 2½ tot 3½ uur zachtjes stoven, totdat het vlees mals is.
  20. Controleer regelmatig of er nog voldoende vocht in de pan zit. Voeg indien nodig een klein scheutje warm water toe.
  21. Bereid de wortelen
  22. Schil de wortelen en snijd ze in de lengte doormidden of in vieren, afhankelijk van de dikte.
  23. Leg ze in een stoompan en bestrooi ze licht met zout.
  24. Stoom de wortelen ongeveer 12 tot 15 minuten, totdat ze gaar zijn maar nog wat stevigheid hebben.
  25. Haal ze uit de stoompan en houd ze apart.
  26. Stoom de sperziebonen
  27. Maak de sperziebonen schoon en verwijder de uiteinden.
  28. Stoom ze ongeveer 8 tot 10 minuten, totdat ze gaar zijn.
  29. Laat ze goed uitlekken.
  30. Maak de mosterdsaus af
  31. Controleer of het rundvlees gaar is. Het moet gemakkelijk uit elkaar vallen wanneer je er met een vork in prikt.
  32. Haal het vlees voorzichtig uit de pan en houd het warm.
  33. Voeg nu de tweede eetlepel Dijonmosterd toe aan de achtergebleven jus.
  34. Roer goed door en laat de saus enkele minuten zonder deksel zachtjes inkoken wanneer hij nog te dun is.
  35. Proef en breng indien nodig verder op smaak met zout en zwarte peper.
  36. Meng de groenten door de saus
  37. Voeg de gestoomde wortelen en sperziebonen toe aan de mosterdjus.
  38. Schep de groenten voorzichtig om, zodat ze rondom met een beetje saus bedekt worden.
  39. Laat ze nog ongeveer 2 minuten op laag vuur doorwarmen.
  40. Serveer het rundvlees
  41. Verdeel de wortelen en sperziebonen over een grote serveerschaal.
  42. Leg de stukken rundvlees erbovenop.
  43. Schep de resterende mosterdjus over het vlees en serveer direct.

Notities

Gebruik riblappen of sukadelappen
Beide soorten rundvlees zijn geschikt om langzaam te stoven. Het vet en bindweefsel zorgen ervoor dat het vlees tijdens het garen zacht wordt.
Laat het vlees niet hard koken
Houd het vuur laag en laat het vocht slechts zachtjes bewegen. Zo krijgt het bindweefsel de tijd om zacht te worden.
Voeg de mosterd in twee delen toe
De eerste eetlepel kookt mee met het vlees. De tweede voeg je pas aan het einde toe, zodat de mosterdsmaak goed herkenbaar blijft.
Controleer het vocht
Begin met 200 ml water. Voeg tijdens het stoven alleen extra water toe wanneer dat nodig is.
Maak de stoofschotel vooraf
Het rundvlees kun je prima een dag eerder bereiden. Bewaar het met de saus in de koelkast en verwarm het de volgende dag rustig opnieuw.

Bewaren

Laat het rundvlees na bereiding vlot afkoelen en zet het binnen twee uur in de koelkast.
Bewaar het vlees met de saus maximaal 2 dagen in een afgesloten bakje in de koelkast, bij 4 °C of kouder.
Het rundvlees en de saus kunnen ook worden ingevroren. Gebruik ze bij voorkeur binnen 3 maanden.
Laat ingevroren stoofvlees in de koelkast ontdooien en verwarm het daarna rustig in een pan totdat het door en door heet is.
Voeg eventueel een klein scheutje water toe wanneer de saus tijdens het opwarmen te dik wordt.