Gebakken sardines – krokante sardines met komijn en knoflook
Deze gebakken sardines worden kort gemarineerd met azijn en daarna gekruid met knoflook, peterselie en komijn. Vervolgens gaan ze door ei en paneermeel en bak je ze goudbruin en krokant in de pan.
Niet ingewikkeld.
En dat hoeft bij sardines eigenlijk ook helemaal niet.
In het oude recept waarop deze versie is gebaseerd werden de sardines gevuld met kaas. Dat laat ik bewust weg.
Sardines hebben van zichzelf al behoorlijk veel smaak. Met knoflook, peterselie, komijn en een krokant korstje hebben ze voor mij niets meer nodig.
Nou ja.
Een partje citroen.
Dat mag absoluut niet ontbreken.
Sardines in Marokko
Wie in Marokko vis eet, komt vroeg of laat sardines tegen.
Waarschijnlijk vroeg.
Langs de kust zie je ze volop en sardines worden op allerlei manieren bereid: gegrild, gebakken, gevuld, gekruid en verwerkt in andere visgerechten.
Dat is ook niet zo vreemd met zo’n lange Atlantische en mediterrane kust.
Vooral de combinatie van sardines met komijn, knoflook, peterselie of koriander en citroen werkt ontzettend goed.
Je kunt daar uitgebreid mee aan de slag en bijvoorbeeld een kruidige chermoula maken.
Maar dat hoeft niet iedere keer.
Deze versie houden we bewust eenvoudig.
Gebruik verse sardines
Bij zo’n simpel recept is de kwaliteit van de vis belangrijk.
Er is namelijk weinig saus of andere poespas waarachter we een matige sardine kunnen verstoppen.
Verse sardines moeten er glanzend uitzien en fris ruiken.
De ogen horen helder te zijn en het visvlees stevig.
Vis mag naar zee ruiken.
Hij hoeft niet vanaf de andere kant van de keuken al aan te kondigen dat hij vis is.
Vraag je visboer eventueel om de sardines voor je schoon te maken.
Dat scheelt thuis behoorlijk wat werk.
Sardines schoonmaken
Maak je ze zelf schoon, verwijder dan eerst de kop en ingewanden.
Spoel de buikholte kort schoon en dep de vis daarna goed droog.
Voor dit recept kun je de sardines openklappen als een vlinder.
Daarbij haal je de centrale graat voorzichtig weg terwijl de twee filets aan elkaar blijven zitten.
Dat ziet er straks niet alleen mooi uit.
Een open sardine is ook gemakkelijker gelijkmatig te kruiden, paneren en bakken.
Werk voorzichtig.
Sardinevlees is zacht en je hebt verrassend weinig geweld nodig om van een mooie sardine een legpuzzel te maken.
Waarom marineren met azijn?
De sardines krijgen eerst een korte marinade met azijn.
Dat geeft frisheid en helpt de krachtige smaak van de vis in balans te brengen.
Maar kort is hier het belangrijke woord.
Zuur heeft invloed op de structuur van vis.
Laat dunne sardinefilets daarom niet uren in een sterke azijnmarinade liggen.
We willen ze op smaak brengen.
We zijn geen ceviche aan het maken.
Volg de marineertijd uit het recept en laat de sardines daarna goed uitlekken.
Dep ze eventueel voorzichtig droog voordat je verdergaat.
Komijn en sardines horen bij elkaar
Komijn is voor mij bijna vanzelfsprekend bij sardines.
De warme, aardse smaak past prachtig bij de vette vis.
Maar ook hier geldt weer: gebruik genoeg om hem te herkennen, niet zoveel dat iedere hap alleen nog naar komijn smaakt.
Knoflook geeft pit en verse peterselie zorgt voor frisheid.
Je kunt eventueel een deel van de peterselie vervangen door koriander als je daarvan houdt.
Dat brengt de smaak alweer iets meer richting een klassieke Marokkaanse viskruiding.
Waarom geen kaas?
Zoals gezegd stond in het oude recept een kaasvulling.
Dat kan natuurlijk.
Maar voor deze Dar Beldi-versie heb ik hem eruit gehaald.
Niet omdat vis en kaas volgens een of andere universele keukenwet nooit samen mogen.
Die wet bestaat niet.
Ik vind hem hier gewoon niet nodig.
De sardine heeft zelf veel smaak en ik wil juist de combinatie van vis, komijn, knoflook, peterselie en citroen proeven.
Bovendien krijgen we door het paneerlaagje al voldoende contrast tussen een krokante buitenkant en zachte vis binnenin.
Soms wordt een recept beter door iets weg te laten.
Eerst door ei, daarna door paneermeel
Na het marineren en kruiden gaan de sardines door losgeklopt ei en vervolgens door paneermeel.
Zorg dat de vis niet kletsnat is voordat je begint.
Op een heel nat oppervlak blijft de panering minder mooi zitten.
Haal iedere sardine eerst goed door het ei en laat het overtollige ei kort afdruipen.
Druk hem daarna voorzichtig in het paneermeel.
Je hoeft geen centimeters dikke korst te maken.
Een dun, gelijkmatig laagje is genoeg.
We willen nog steeds sardine eten.
Geen paneermeel met toevallig ergens vis erin.
Laat de gepaneerde sardines even liggen
Heb je tijd, laat de gepaneerde sardines dan een paar minuten liggen voordat ze de pan ingaan.
Daardoor kan het paneerlaagje zich wat beter aan het oppervlak hechten.
Het is geen verplicht halfuur rusten.
Gewoon even terwijl je de rest paneert en de pan verwarmt is al prima.
Daarna zo min mogelijk aan de sardines zitten tijdens het bakken.
Bakken in voldoende olie
Verhit een laagje olie in een ruime koekenpan.
De olie moet heet zijn voordat de sardines erin gaan, maar niet staan walmen.
Leg ook niet alle sardines tegelijk in de pan wanneer ze nauwelijks naast elkaar passen.
Dan daalt de temperatuur en gaan ze eerder vet opnemen dan mooi krokant bakken.
Werk liever in twee porties.
Bak ze goudbruin aan de eerste kant en draai ze daarna voorzichtig om.
Een dunne spatel is hierbij erg handig.
Sardines zijn snel gaar
Dit is geen dikke kabeljauwfilet.
Sardines zijn klein en dun en hebben daarom maar weinig tijd nodig.
Zodra het korstje goudbruin is en de vis gaar is, mogen ze uit de pan.
Te lang bakken maakt sardines droog.
En dat is zonde, want juist het sappige, vette visvlees onder dat krokante korstje maakt ze zo lekker.
Laat de gebakken sardines kort uitlekken op keukenpapier of een rooster.
Citroen pas bij het serveren
Serveer de sardines met partjes verse citroen.
Ik knijp de citroen er liever pas vlak voor het eten overheen.
Waarom?
Omdat we zojuist moeite hebben gedaan om een krokant korstje te maken.
Wanneer je daar tien minuten voordat iedereen aan tafel zit een halve citroen over uitperst, begint dat korstje alweer zacht te worden.
Zet de citroen dus gewoon op tafel.
Iedereen kan zelf bepalen hoeveel hij wil.
Wat eet je bij gebakken sardines?
Je kunt deze sardines als onderdeel van een grotere maaltijd serveren, maar met brood en een frisse salade heb je eigenlijk al genoeg.
Een eenvoudige tomatensalade past er goed bij.
Ook geroosterde paprika, olijven of een frisse aardappelsalade zijn lekker naast de warme vis.
En natuurlijk hoort er Marokkaans brood op tafel als je de sappen en kruiden wilt opvegen.
Dat laatste stukje brood waarmee je alles van het bord haalt is meestal het lekkerste.
Chermoula als volgende stap
Vind je de combinatie van sardines, komijn, knoflook en verse kruiden lekker?
Dan kun je een volgende keer nog een stap verder gaan en sardines met chermoula maken.
Chermoula is een bekende Noord-Afrikaanse kruidenmarinade die veel bij vis wordt gebruikt en waarin onder andere verse kruiden, knoflook en specerijen een belangrijke rol spelen.
Daarmee krijg je een uitgesprokener gerecht.
Deze gebakken sardines zijn juist de eenvoudige variant.
Ideaal wanneer je goede verse vis hebt en daar niet twintig andere smaken overheen wilt gooien.
Meteen uit de pan zijn ze het lekkerst
Je kunt veel gerechten prima een tijdje laten wachten.
Deze niet.
Gebakken sardines zijn op hun best wanneer ze vers en krokant uit de pan komen.
Je kunt de vis vooraf schoonmaken en kruiden en alle andere onderdelen van de maaltijd klaarzetten.
Paneer en bak de sardines pas vlak voordat je wilt eten.
Leg ze op een schaal.
Peterselie erover als je wilt.
Partjes citroen erbij.
En op tafel.
Geen ingewikkelde saus, geen kaasvulling en geen verzameling ingrediënten die de sardine probeert te verbergen.
Gewoon verse sardines, komijn, knoflook, peterselie en een krokant korstje.
Meer hebben ze eigenlijk niet nodig.
Elektrische Grillplaat - Bakplaat
Het unieke aan deze tafelgrill is de duidelijke verdeling in twee zones

Sardine Mqliya – Marokkaanse gebakken sardines
Ingrediënten
- Voor de sardines
- 750 g verse sardines
- 100 ml azijn
- 3 teentjes knoflook fijn geraspt of geperst
- 2 el platte peterselie fijngehakt
- ½ tl gemalen komijn
- ½ tl fijn zeezout of naar smaak
- ¼ tl zwarte peper
- Voor het paneren
- 2 eieren
- ongeveer 100 g fijn paneermeel
- Voor het bakken en serveren
- zonnebloemolie of arachideolie
- 1 citroen in parten
- extra peterselie optioneel
Method
- Maak de sardines schoon
- Verwijder indien nodig de kop, ingewanden en graat van de sardines.
- Open de vissen voorzichtig als een boekje zonder de twee filets helemaal van elkaar los te trekken.
- Spoel de sardines kort onder koud water.
- Dep ze daarna goed droog met keukenpapier.
- Marineer kort in azijn
- Leg de sardines in een ondiepe schaal.
- Schenk de azijn erover en zorg dat alle sardines ermee in aanraking komen.
- Laat ze 20 tot 30 minuten marineren.
- Keer ze halverwege één keer om.
- Laat ze niet veel langer staan; de azijn begint de vis anders al te veranderen van structuur.
- Laat de sardines goed uitlekken
- Giet de azijn af.
- Dep de sardines opnieuw zorgvuldig droog.
- Dit is belangrijk omdat het kruidenmengsel, ei en paneermeel beter hechten wanneer de vis niet kletsnat is.
- Maak het kruidenmengsel
- Meng de knoflook, peterselie, komijn, zout en zwarte peper in een kommetje.
- Wrijf een dun laagje van het kruidenmengsel over de binnenkant van iedere sardine.
- Gebruik niet te veel; de smaak van de sardine zelf moet duidelijk aanwezig blijven.
- Klap de sardines dicht
- Vouw de sardines voorzichtig weer dicht.
- Druk ze heel licht aan zodat ze mooi plat liggen.
- Zet de paneerlaag klaar
- Klop de eieren los in een diep bord.
- Doe het paneermeel in een tweede diep bord.
- Paneer de sardines
- Haal iedere sardine eerst door het losgeklopte ei.
- Laat overtollig ei even afdruipen.
- Haal de sardine daarna door het paneermeel en druk het paneermeel voorzichtig aan.
- Schud overtollig paneermeel eraf.
- Verhit de olie
- Schenk een laagje olie van ongeveer ½ cm in een ruime koekenpan.
- Verwarm op middelhoog vuur.
- De olie moet heet zijn voordat de sardines erin gaan, maar mag niet roken.
- Bak de sardines
- Leg enkele sardines tegelijk in de pan.
- Bak ze ongeveer 2 tot 3 minuten per kant, afhankelijk van de grootte.
- De buitenkant moet goudbruin en krokant zijn en de vis binnenin net gaar.
- Bak de pan niet te vol; dan daalt de temperatuur van de olie te snel en worden de sardines eerder vet dan krokant.
- Laat uitlekken
- Schep de gebakken sardines uit de pan en leg ze op keukenpapier.
- Bak de rest op dezelfde manier.
- Laat de olie tussendoor weer goed op temperatuur komen.
- Serveer
- Serveer Sardine Mqliya meteen, zolang het paneerlaagje nog warm en krokant is.
- Geef er royaal citroenparten bij en eventueel wat extra verse peterselie.
- Warm Marokkaans brood en een frisse salade zijn er heerlijk bij.
Notities
Verse sardines schoonmaken en ontgraten kost even tijd. Je kunt de visboer vragen ze alvast schoon te maken en open te vlinderen. Niet te lang in azijn
Twintig tot dertig minuten is voldoende. Laat sardines niet urenlang marineren, want dan wordt de structuur steviger en de smaak te zuur. Goed droogdeppen
Dit maakt echt verschil. Wanneer de sardines nog nat zijn, hecht de paneerlaag minder goed en spat de olie veel meer. Een dun krokant laagje
Gebruik fijn paneermeel en druk het niet centimeters dik op de vis. Het gaat om een licht krokant korstje rondom de sardine. Lichtere versie
Wil je minder paneerlaag, bestuif de gekruide sardines dan alleen licht met bloem en bak ze vervolgens in een klein laagje olie. Sardines zijn snel gaar
Bak ze niet te lang. Een paar minuten per kant is meestal voldoende. Direct serveren
Sardine Mqliya is op zijn best rechtstreeks uit de pan. Het krokante laagje wordt zachter wanneer de vis lang blijft liggen. Bewaren
Bewaar restjes maximaal 1 dag goed afgedekt in de koelkast. Warm ze bij voorkeur opnieuw op in een koekenpan of oven. In de magnetron verdwijnt vrijwel alle krokantheid. Invriezen
Gebakken Sardine Mqliya zou ik niet invriezen. De vis en vooral het paneerlaagje worden na ontdooien aanzienlijk minder lekker.