Atjar ketimoen: mijn zoektocht naar de lekkerste smaak
Toen ik nog met mijn man in Den Haag woonde, gingen we regelmatig eten bij Pasar Makan. Hun atjar ketimoen was daar zo ontzettend lekker, dat we op een gegeven moment wel twee keer per week bij ze aten. De goede oude tijd. Ik denk nog vaak terug aan die schaaltjes atjar die we altijd erbij bestelden… fris, licht zoet en met precies dat krokante bite.
Een recept is natuurlijk geheim, dat snap ik ook wel. Maar na lang proberen, en onder andere door de komkommer in blokjes te snijden in plaats van in plakjes, is het me gelukt om een versie te maken die er bijna net zo lekker uitkomt als bij Pasar Makan. Dit is dus mijn versie.
Wat is atjar ketimoen?
Atjar ketimoen is een Indonesisch-Indische zoetzure komkommersalade, vaak gemaakt met wortel, ui en een dressing van azijn, suiker en een beetje zout. Je vindt het bij bijna elke Indische rijsttafel, meestal als fris, licht zurig tegenwicht tegen de rest van de, vaak stevigere, gerechten op tafel. Simpel om te maken, maar met een smaak die je niet snel vergeet als je het eenmaal goed hebt geproefd.
Waarom ik de komkommer in blokjes snijd
Een van de dingen die voor mij het verschil maakte, is hoe je de komkommer snijdt. Veel recepten gebruiken dunne plakjes of reepjes, maar ik snijd de komkommer in blokjes. Dat geeft niet alleen een ander uiterlijk, maar ook net iets meer bite: de blokjes blijven wat steviger en nemen de zoetzure smaak van het azijnwater mooi op, zonder helemaal slap te worden.
Zoet, maar geen suikerbom
Dit is een vrij zoet recept, dat geef ik ook eerlijk toe. Wij vinden het zo het lekkerst, dat sluit het dichtst aan bij hoe ik het bij Pasar Makan proefde. Maar het hoeft geen suikerbom te zijn: wil je liever iets minder suiker, dan kun je de suiker desgewenst vervangen door erytrol. De smaak blijft dan grotendeels hetzelfde, alleen minder belastend als je liever wat minder suiker binnenkrijgt.
Gebruik geen rode ui
Nog een tip die ik uit ervaring heb geleerd: gebruik geen rode ui in dit recept. Rode ui geeft namelijk kleur af aan het azijnwater, waardoor niet alleen de vloeistof, maar ook je komkommerblokjes een rozige tint krijgen. Niet per se een probleem voor de smaak, maar wel jammer voor het uiterlijk: je wilt die heldere, frisse atjar, niet een roze soepje. Gewone witte of gele ui werkt hier prima.
Serveertip
Serveer de atjar ketimoen goed gekoeld, als fris bijgerecht naast bijvoorbeeld babi ketjap, saté of een andere stevige Indische klassieker. Hij houdt zich prima een paar dagen in de koelkast, en wordt daar naar mijn ervaring alleen maar lekkerder. En als je het gaat maken… gewoon het recept verdubbelen dit is zo lekker joh!
Mepal EasyClip vershouddoos van 1 liter
Atjar maak ik het liefst een paar uur van tevoren, want na een nachtje in de koelkast is hij nóg lekkerder. In deze Mepal EasyClip vershouddoos van 1 liter kun je hem makkelijk afgesloten bewaren en zo vanuit de koelkast op tafel zetten.

Atjar Ketimoen
Ingrediënten
- 1 komkommer in kleine blokjes
- 1 rode peper fijngesneden, eventueel zonder zaadjes
- 1 sjalotje heel dun gesneden
- 2 kaffir limoenblaadjes fijngesneden of gekneusd
- ½ theelepel zout
- 200 g kristalsuiker
- 120 ml water
- 120 ml witte azijn of rijstazijn
Method
- Meng de komkommerblokjes met het zout en laat ze 15–20 minuten staan. Giet het vrijgekomen vocht af en knijp de komkommer voorzichtig iets uit. Niet afspoelen.
- Doe het water, de azijn en suiker in een steelpan. Breng aan de kook en roer tot de suiker volledig is opgelost.
- Haal de pan van het vuur. Voeg de kaffir limoenblaadjes toe en laat 5 minuten trekken.
- Doe de komkommer, rode peper en sjalot in een schaal of schone glazen pot.
- Giet het warme zoetzuur erover en laat volledig afkoelen.
- Zet de atjar vervolgens minimaal 2 uur in de koelkast voordat je hem serveert. De volgende dag is de smaak nog beter.