Deze focaccia is er eentje waarbij je al tijdens het bakken weet dat je straks lekker gaat eten. De geur van warm brood, olijfolie en tijm vult de keuken en bovenop zitten zoete stukjes vijg en zoute zwarte olijven die tijdens het bakken steeds intenser van smaak worden.
Het bijzondere aan dit deeg is de aardappel. Die proef je uiteindelijk niet terug als aardappel, maar hij zorgt wel voor een heerlijk zachte, bijna luchtige binnenkant terwijl de bodem en randjes mooi goudbruin en krokant worden.
Ik gebruik voor deze focaccia gedroogde vijgen. Die zijn wat geconcentreerder van smaak dan verse vijgen en passen qua smaak ontzettend goed bij zwarte olijven en tijm. Door ze vooraf kort in warm water te laten weken worden ze zacht en sappig en verbranden ze niet tijdens het bakken.
Het is zo’n brood dat je in stukken op tafel kunt zetten bij een uitgebreide lunch, bij een kom soep of als onderdeel van een tafel vol kleine gerechten. Met labneh erbij vind ik hem bijvoorbeeld ontzettend lekker. De frisse, romige labneh vormt een mooi contrast met de zoete vijgen en olijven.
En als je van olijven houdt, kijk dan ook eens bij onze zoet-gemarineerde olijven met honing en balsamico. Die zijn heel anders, maar passen net als deze focaccia perfect op een tafel waar iedereen zelf van verschillende schaaltjes en gerechten kan pakken.
Waarom aardappel in focacciadeeg?
Gekookte aardappel houdt vocht vast. Daardoor droogt het brood minder snel uit en krijg je een heel zachte kruim.
Het voordeel is ook dat deze focaccia een paar uur na het bakken nog steeds lekker mals is. Even kort opwarmen en hij is bijna weer alsof hij net uit de oven komt.
Je hoeft de aardappel trouwens niet op een moeilijke manier te verwerken. Gewoon gaar koken en heel fijn prakken is voldoende.
Mason Cash Cane mengkom – 5 liter
In deze ruime aardewerken kom kun je focacciadeeg mengen en laten rijzen. De schaal heeft een diameter van 32 cm en een inhoud van 5 liter.

Focaccia met vijgen, zwarte olijven en tijm
Ingrediënten
- 250 g kruimige aardappelen geschild
- 500 g tarwebloem
- 7 g instant gist
- 250 ml lauwwarm water
- 30 ml extra vierge olijfolie
- 8 g fijn zout
- extra olijfolie voor de kom en bakvorm
- 170 g gedroogde vijgen
- 100 g zwarte olijven zonder pit
- 2 eetlepels extra vierge olijfolie
- 1½ theelepel verse tijmblaadjes
- grof zeezout naar smaak
- eventueel een paar extra tijmblaadjes na het bakken
Method
- Snijd de geschilde aardappel in stukken en kook hem in licht gezouten water gaar. Dit duurt ongeveer 15 minuten.
- Giet goed af en laat een paar minuten uitdampen. Prak de aardappel daarna zo fijn mogelijk. Laat afkoelen tot lauwwarm.
- Doe de bloem en gist in een ruime mengkom en meng door elkaar.
- Voeg het lauwwarme water, de olijfolie en de fijngemaakte aardappel toe. Meng tot een samenhangend, vrij zacht deeg ontstaat.
- Voeg daarna het zout toe.
- Kneed het deeg ongeveer 8 tot 10 minuten met de hand of 6 tot 7 minuten met een keukenmachine met deeghaak.
- Het deeg mag behoorlijk zacht en licht plakkerig zijn. Voeg liever niet meteen extra bloem toe; juist dat zachte deeg zorgt straks voor een luchtige focaccia.
- Vet een kom licht in met olijfolie.
- Leg het deeg erin en draai het eenmaal om zodat rondom een dun laagje olie zit.
- Dek af en laat ongeveer 60 minuten rijzen op een warme plaats, totdat het deeg duidelijk in volume is toegenomen.
- Snijd ondertussen de gedroogde vijgen in kleine stukjes.
- Doe ze in een schaaltje en schenk er zoveel heet water over dat ze net onderstaan. Laat ongeveer 10 tot 15 minuten staan.
- Giet daarna goed af en dep eventueel even droog met keukenpapier.
- Schenk een royale scheut olijfolie in een bakvorm of bakplaat van ongeveer 30 × 40 cm.
- Leg het deeg erop.
- Maak je handen nat of vet ze in met olijfolie en druk het deeg voorzichtig uit tot het bijna de hele vorm bedekt.
- Trek niet hard aan het deeg. Als het steeds terugveert, laat je het vijf minuten rusten en ga je daarna verder.
- Dek de focaccia losjes af en laat nog ongeveer 40 tot 45 minuten rijzen.
- Verwarm ondertussen de oven voor op 220 °C boven- en onderwarmte.
- Besprenkel het deeg met wat olijfolie.
- Druk met je vingertoppen diepe kuiltjes in het gerezen deeg. Je mag bijna tot aan de bodem drukken.
- Verdeel de vijgen en zwarte olijven over het deeg en druk ze hier en daar een beetje in de kuiltjes.
- Strooi de tijm en een kleine hoeveelheid grof zeezout erover.
- Besprenkel tot slot nog met de resterende olijfolie.
- Bak de focaccia ongeveer 23 tot 27 minuten in het midden van de oven.
- Hij is klaar wanneer de bovenkant mooi goudbruin is en ook de onderkant stevig en krokant aanvoelt.
- Haal de focaccia uit de vorm en laat ongeveer 10 minuten afkoelen op een rooster.
- Strooi eventueel nog wat verse tijm over de warme focaccia.
- Snijd in vierkante stukken en serveer warm of lauwwarm.